Carmelia

Meestal staart ze naar de lucht of naar de grond. Alsof ze ergens op wacht. Je zult zelden haar blik vangen, al kijk je haar recht in haar ogen. Haar blik zal je niet roeren en je zult haar snel vergeten. Ze geeft zich niet graag prijs. Nee, het zal meer kosten dan de tijd die je hebt en die je jezelf..laat staan haar gunt. Zoals jij bent gemaakt van vuur dat geblust is geweest en jou vorm heeft gegeven is zij volledig onaangetast gebleven in haar elementen. Jij bent een samensmelting van de twee elementen. Jij bent uit vloeibaarheid gevormd en gestold tot wat je uiteindelijk bent. Haar buitenkant is gehuld in een dikke korst hard ijs. Koude vriesdampen smeulen zachtjes op haar huid. Haar bleke vale huid, droog en glad. Haar glazige donkere ogen verraden niks meer dan ogenschijnlijke massieve kilte. Doch binnenin haar woedt er ondraaglijk een corona aan hellevuur. Een constante strijd in grensafbakende volharding. Het ijs verzacht niet, noch smelt het. Het vuur bindt niet in aan kracht. Rode tongen van hitte likken aan haar bevroren wanden en schroeien de grenzen van haar pit dicht. ‘s Nachts huilt ze van de pijn, de koude en de hitte. Ze is nooit tevreden. Ze heeft altijd koude voeten, maar houdt het nog geen minuut vol met sokken aan. Ze raakt je hand aan met onvoorstelbare intense innerlijke warmte, maar de oppervlakkige ijzige tederheid doet je je hand terugtrekken en nooit meer opnieuw aanreiken. Haar huid ruikt kruidig zoet, naar bevroren grond en pepers. Haar liefde is dik en geconcentreerd, als stroop, ongedoseerd. Elk verdriet tekent zich als een brandwonde op haar ziel. Haar lippen glanzen mat. Haar uitdrukking troosteloos. Als zij bevallig wordt gevonden juist om die eigenschappen doet haar spreken haar de das om. Zo koud en wit als haar tong ziet, zo vurig zijn haar woorden. Als lava dat onbehouden uit een krater stroomt, maar nooit afkoeling geniet. Toch gloeit ze sterker en intenser dan een ander als ze een moment van geluk beleeft. Ze verlangt naar innerlijke versmelting, naar het stollen van haar lichaam en geest. Ze wil zo graag voelen hoe het is om ook zachtjes te kunnen gloeien, om haar warmte via haar gezicht te kunnen laten spreken in plaats van steeds maar stoicijns met onderhuids de meest heftige vuurstormen door het leven te gaan. Ze is oppervlakkig als een schil, als een laagje rijp, als een onbeweeglijke waterspiegel, maar tegelijk een diepe kolkende ravijn vol lava. Ze voelt zich bodem en oppervlakte tegelijk. Elke oppervlakte is de bodem van iets dieps en elke bodem is de oppervlakte van iets nog diepers. Oppervlakte en bodem bestaan niet, het is oneindig. Ze is koud, strak en zonder plooien, maar ze heeft elan genoeg om alle metaal in de wereld te doen buigen. Ze is eenvoudig een overkill, een overdosis. Je hoeft haar niet te begrijpen, maar ze wil graag dat je haar leert kennen zoals ze is. En dat is dat zij is zoals zij is. Gebrandmerkt voor het leven.

Gepubliceerd in: om oktober 22, 2009 op 9:29 pm  Geef een reactie  
Tags:

De trackbackURI naar dit bericht is: http://coconnetje.wordpress.com/2009/10/22/carmelia/trackback/

RSS feed voor reacties op dit bericht.

Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.